
DoorBoris van Hemmen
Eerst overleven, dan vermogen
De meeste ondernemers gaan pas over pensioen nadenken als er geld overblijft. Eerst ben je bezig met overleven. Pas als er een behoorlijk vermogen ligt, wil je er iets mee doen. Werk je in loondienst, dan herken je het vast ook: na jaren heb je hier een spaarrekening, daar een beleggingsrekening, een lijfrente, misschien een tweede huis. Veel potjes, weinig overzicht. Tijd om alles eens op orde te brengen.
De vraag is dan: wat zijn je doelen? Maar de meeste mensen hebben helemaal geen financiële doelen. Ze willen gewoon genoeg hebben, nu en later. Of zoals ik het vaak hoor:
Ik wil in ieder geval genoeg voor later hebben en me geen zorgen hoeven maken over geld. Ik wil niet te vroeg stoppen met werken, maar ook niet zo lang doorwerken dat ik geen tijd meer heb om te genieten. Ik heb geen zin om me dood te werken en alles na te laten aan de Belastingdienst …
De meeste mensen weten wel hoeveel ze hebben, maar niet of het genoeg is. Een New Yorkse private bank vroeg klanten met vermogens van 250 duizend tot 250 miljoen: met hoeveel vermogen zou u zich financieel onafhankelijk en zorgenvrij voelen? In bijna elke vermogensklasse was het antwoord: het dubbele van wat ik nu heb. Pas bij 250 miljoen vonden mensen dat ze genoeg hadden.
Genoeg hebben en het gevoel hebben dat je genoeg hebt, zijn twee verschillende dingen. Je kunt eindeloos blijven verdienen, of uitzoeken wat werkelijk genoeg is en daarnaartoe werken.
Niet genoeg, genoeg of te veel
Aan het eind van je leven zijn er drie scenario’s.
Je hebt niet genoeg. Dan kun je op je oude dag alleen nog inleveren, bezittingen verkopen of weer gaan werken. Je kunt het beter nu weten, nu je nog kunt bijsturen.
Je hebt genoeg, maar je weet het niet. Dan maak je je zorgen, hoe vermogend je ook bent. Je werkt langer door dan nodig, bezuinigt op vakanties en hobby’s, of geeft het geld wel uit en voelt je daarna schuldig. Een miljardair die zich zorgen maakt of hij genoeg heeft, leeft in feite in armoede.
Je hebt te veel. Je eindigt als Dagobert Duck met een pakhuis vol geld waar je zelf niets meer aan hebt. Bewust gekozen? Prima. Zo niet, dan heb je misschien onbedoeld beknibbeld op je leven. Er zijn zeer vermogende mensen die alleen wijn van de Lidl drinken, of op hun 65ste nog vijftig uur per week werken. Niets mis mee, tenzij je eigenlijk iets anders wilde.
Palliatief verpleegkundige Bronnie Ware vroeg mensen op hun sterfbed waar ze spijt van hadden. Op één en twee: dat ze niet de moed hadden gehad om te leven zoals ze zelf wilden, en dat ze zo hard hadden gewerkt. Bezuinig dus omdat je dat wilt of moet, niet omdat je geen inzicht hebt in je toekomstige vermogen.
Hoe sneller je weet hoeveel genoeg is, hoe beter. Op je 55ste kun je meer genieten van je geld dan op je 86ste.
“Life is not a rehearsal” – Paul Armson, financieel planner
Beleggen zonder getal is schieten zonder doel
Als je niet weet hoeveel je nodig hebt, wordt beleggen schieten zonder doel: doe maar 6%. Of je vult een standaardvragenlijst in waar een risicoprofiel uitrolt. Zo’n lijst meet hoeveel pijn je aankunt. Die pijn krijg je meestal ook, terwijl het misschien niet nodig was.
Zonder getal word je nerveus als de beurs daalt, want je weet niet wat het voor jouw toekomst betekent. En dalen doet de beurs: het is niet de vraag óf, maar wanneer. Je volgt het nieuws, checkt je portefeuille en belandt in een emotionele achtbaan. Daar ontstaan de fouten die tot permanente verliezen leiden.
Weet je wél wat genoeg is, dan beleg je volgens plan. Wat de beurs vandaag of morgen doet, maakt dan niet meer uit.
Het antwoord is een getal
Zolang je werkt, bouw je vermogen op. Zodra je stopt, teer je erop in. De kunst is dat je vermogen langer meegaat dan jij en je familie. Het punt waarop dat lukt, is je getal.

In figuur 1 stijgt je vermogen zolang je werkt en piekt het als je stopt. Daarna daalt het, maar het raakt de nul niet zolang jij leeft. Die piek is je getal.
Hoe hoog dat getal is, hangt af van wat je levensstijl kost. Daar hebben de meeste mensen nooit echt over nagedacht. Financieel planner George Kinder stelde zijn cliënten daarom eerst drie vragen. Lees de volgende vraag pas als je de vorige hebt beantwoord.
- Je hebt meer dan genoeg geld om de rest van je leven comfortabel te leven. Wat zou je doen, wat zou je veranderen? Overdrijf gerust.
- Je dokter vertelt je dat je nog vijf tot tien jaar te leven hebt, in goede gezondheid. Wat ga je doen?
- Je hebt nog één dag. Waar heb je spijt van, wat had je nog willen doen, wie had je willen zijn?
Weet je daarna nog niet precies wat je wilt? Geeft niets. Je weet waarschijnlijk wel wat je níet wilt: het met minder moeten doen dan nu. Dus: hoeveel heb je nodig om de rest van je leven te kunnen leven zoals nu?
Drie knoppen: tijd, uitgeven en rendement
Of je genoeg hebt, hangt af van drie knoppen die je zelf bedient: hoe lang en hoeveel je werkt, wat je uitgeeft, en hoeveel risico je neemt voor rendement.
Tijd
Hoe langer en hoe meer je werkt, hoe meer je opbouwt. Later komt daar AOW bij en misschien een pensioen van een vroegere werkgever.
Tijd is je belangrijkste bezit. Je kunt het ruilen voor geld, maar nooit terugkopen. En dat ruilen geeft voldoening, tot op zekere hoogte.

In figuur 3 blijft je vermogen groeien zolang je doorwerkt, maar je voldoening niet. Vanaf het punt ‘genoeg’ vlakt die lijn af. Extra werken maakt je leven dan niet beter, soms zelfs slechter. Dat is een goed moment om te stoppen, of alleen nog te werken omdat je het wilt.
Uitgeven
Als je stopt met werken, verdien je minder, maar de kosten gaan gewoon door. Sterker nog: ze stijgen waarschijnlijk. Je hebt eindelijk tijd voor alles waar je eerder niet aan toekwam. Pas op hoge leeftijd dalen ze weer.

Bovenin figuur 5 zie je je inkomsten en uitgaven. Zolang je werkt, heb je een overschot en bouw je op. Na je stoppen ontstaat een tekort, het grootst tijdens je actieve pensioen. Onderin zie je wat dat met je vermogen doet: eerst opbouwen, dan interen. Dat geeft niets, zolang er genoeg is.
Rendement
De derde knop is het rendement op je vermogen. Elke bezitting geeft rendement, positief of negatief. Sparen voelt veilig, maar na inflatie en belasting groeit je vermogen niet.

In figuur 6 zie je het verschil: met rendement komt je vermogen hoger uit en gaat het langer mee, dus kun je meer en langer blijven uitgeven. Geld dat je tien tot vijftien jaar niet nodig hebt, kun je beter laten werken, zodat jij minder hoeft te werken.
Met deze drie knoppen maak je een sluitende begroting voor de rest van je leven. Jaarlijks bijsturen hoort erbij, want een plan is verouderd op het moment dat het klaar is.
Plannen voor tegenvallende beleggingsresultaten
Van de drie knoppen is rendement de lastigste, want het is onzeker. Daarom houd je een buffer aan: genoeg om ook het slechtste scenario te overleven. Hoe groot die buffer is, bepaal je zelf, door conservatief te plannen en flexibel uit te geven.
Begin met het onderscheid tussen essentiële uitgaven en luxe. Wat essentieel is, bepaal je zelf; luxe is leuk, maar niet nodig. Zit het tegen, dan geef je wat minder uit aan luxe. Zit het mee, dan weer wat meer.

Figuur 9 zet je vermogen af tegen je kosten. In het verwachte scenario dekt je vermogen ruim al je kosten, inclusief luxe. In het slechtste scenario heb je nog ruim genoeg voor het essentiële, maar iets minder voor luxe. Dat is de toets: ook in jouw slechtste scenario moeten je essentiële kosten gedekt zijn. Welk scenario dat is, kies je zelf. Ik zou zorgen dat je de slechtste beursperiode van de afgelopen honderd jaar financieel overleeft.
De scenarioanalyse
Of je buffer groot genoeg is, reken je uit met een scenarioanalyse: hoe lang gaat je vermogen mee in verschillende scenario’s?

In figuur 10 is elke lijn een historische beursperiode, losgelaten op hetzelfde vermogen en dezelfde uitgaven. Gemiddeld blijft er ruim genoeg over. Maar in de slechtste periode ooit is het geld op terwijl je nog leeft.
Flexibel uitgeven
Moet je daarom nu al bezuinigen? Nee, je wilt niet arm leven en rijk sterven. Slimmer is flexibel uitgeven: gaat het slecht op de beurs, dan geef je iets minder uit; gaat het goed, dan iets meer.

Figuur 11 toont dezelfde scenario’s met die simpele regel: nu gaat je geld ook in het slechtste scenario lang genoeg mee.
Meer dan beleggen
Genoeg hebben gaat niet alleen over rendement.
- Belasting. Structureer je vermogen zo dat je niet onnodig belasting betaalt of juridische risico’s loopt.
- Erven en schenken. Wat je wilt nalaten of schenken, is een uitgave in je plan en bepaalt mee je getal.
- Wat als er iets gebeurt. Overlijden, arbeidsongeschiktheid, echtscheiding, brand: verzeker wat je pensioen in gevaar brengt en wat je zelf niet kunt opvangen.
Checklist
- Hoe wil je leven en je tijd besteden: nu, tijdens je actieve pensioen en op hoge leeftijd?
- Hoeveel heb je nodig om die levensstijl te bekostigen, en hoe flexibel ben je daarin?
- Welke uitgaven zijn essentieel, en wat is luxe?
- Hoeveel rendement is genoeg? Kun je het risico dat erbij hoort financieel en emotioneel aan, nu en later?
- Met welk slechtste scenario reken je, en ben je daarop voorbereid?
- Dekken je vermogen en inkomen je uitgaven, ook in dat slechtste scenario?
Zo doen wij het
We beginnen niet bij een risicoprofiel, maar bij jou. Eerst leren we je kennen: wat zijn je doelen, welke keuzes maak je, hoe wil je leven en waar is je geld voor? Daaruit volgt jouw getal. We zetten je inkomsten, uitgaven en vermogen in een cashflowoverzicht en rekenen door wat je plan doet in verschillende scenario’s. Pas daarna kiezen we de beleggingsmix: zoveel risico als nodig is, niet zoveel als je kunt verdragen. Je essentiële kosten zijn gedekt in het slechtste scenario, en elk jaar sturen we bij.
Zo weet je of je genoeg hebt. En hoef je niet meer wakker te liggen van wat de beurs morgen doet.
Maar zie je dat je rendement nodig hebt om je getal te halen, dan komt de volgende vraag vanzelf. Waarom zou je beleggen, als sparen zo veilig voelt? Dat lees je in stap 2.
Nieuwe inzichten in uw mail
Om de twee weken een wetenschappelijk inzicht over beleggen en uw vermogen. Zonder beurstips of ruis.
U kunt zich altijd met één klik uitschrijven.
Drs. Boris van Hemmen
Beleggingsspecialist en oprichter van Wealth360®. Adviseert particulieren, ondernemers en expats over beleggen op basis van wetenschappelijk onderzoek, en schreef het boek Alle beleggingsexperts zijn leugenaars.
Over ons ↗