
DoorBoris van Hemmen
Veel beleggers hebben slechte ervaringen met beleggen. Meestal gaat het ongeveer zo.
Het is 2007. De beurs stijgt al jaren. Overal hoor je dat het goed gaat. De buurman belegt, de collega's beleggen, op verjaardagen gaat het nergens anders over. Je kunt natuurlijk niet achterblijven. Je stapt in.
Het gaat goed. Dus waarom niet wat meer? Je legt er geld bij, en nog wat. Uiteindelijk zit je vol in aandelen. Je voelt je slim. Je zit op de top, alleen weet je dat nog niet.
Dan begint de beurs te dalen. Er is wat onrust over Amerikaanse hypotheken, maar de economie draait nog prima, en de experts zeggen dat het beperkt blijft. Dat herstelt wel, denk je. Maar het herstelt niet. In september 2008 valt Lehman Brothers om, en daarna de ene bank na de andere. Elke ochtend opent het journaal met een nieuw dieptepunt, en de experts op tv weten zeker dat het nog veel erger wordt. Je slaapt slecht. Na een daling van bijna de helft kun je het niet meer aanzien en verkoop je alles. Wat een opluchting.
Het nieuws blijft slecht. Voorlopig stap je niet meer in, eerst maar eens zien hoe het afloopt. Maar de beurs wacht niet op het nieuws. Stiekem krabbelt hij op. Langzaam eerst, dan steeds harder. Tegen de tijd dat het nieuws weer goed is, heeft de beurs alle verliezen goedgemaakt. Je vermogen niet. Je staat aan de zijlijn, en bent bijna de helft kwijt.

De daling was tijdelijk. Je verlies is permanent.
Herkenbaar? In de kredietcrisis werkte ik bij de Rabobank, en ik heb het daar van dichtbij gezien. Het ging niet mis omdat mensen dom waren. Het ging mis omdat ze geen plan hadden. Ze reageerden op het nieuws, op hun gevoel en op wat de buurman deed.
Ik weet hoe dat gaat. Het eerste beleggingsboek dat ik las, decennia geleden, gaf het advies om gedisciplineerd te beleggen. Ik dacht: tuurlijk, dat lukt mij wel. In de jaren daarna heb ik alle fouten gemaakt die je kunt maken. En ik heb iedereen die fouten zien maken: van slimme, succesvolle ondernemers en directeuren tot financieel professionals die beter hadden moeten weten.
Dit is geen verhaaltje: beleggers halen minder rendement dan hun fondsen
Je zou denken: wie in een fonds belegt, krijgt het rendement van dat fonds. Dat klopt alleen als je niets doet. En niets doen is precies wat beleggers niet kunnen.
Uit onderzoek van onder meer Dalbar blijkt dat de gemiddelde Amerikaanse belegger sinds 1974, toen hij zijn pensioenbeleggingen zelf mocht beheren, elk jaar slechter presteert dan de markt. Niet alleen slechter dan de markt, ook slechter dan de fondsen waarin hij zelf belegt.
De nieuwste cijfers komen van Morningstar, dat dit elk jaar meet. Over de tien jaar tot eind 2025 leverden Amerikaanse fondsen gemiddeld 9,9% per jaar op. De beleggers in die fondsen haalden 8,7%. Elk jaar 1,2% minder. Niet door slechte fondsen, maar door het gedrag van de beleggers zelf: op het verkeerde moment in- en uitstappen, en steeds overstappen naar een fonds dat het net beter deed. Dat fonds blijkt daarna meestal geen winnaar meer.

Waarom slimme mensen dit doen
Er zijn twee motoren achter bijna elke dure beleggingsfout: hebzucht en angst. Hebzucht laat je jagen op wat je elke dag in het nieuws hoort: het aandeel dat verdubbelde, de nieuwste trend, het fonds waar iedereen over praat. Angst laat je verkopen als het journaal opent met rode schermen en paniekerige beurshandelaren. Zo koop je hoog en verkoop je laag, precies het omgekeerde van wat je wilt.

Economen gingen lang uit van de homo economicus: de mens die rationeel afweegt en altijd de verstandigste keuze maakt. Op de beurs zie je vooral de homo irrationalis. Ons brein is gemaakt om te overleven, niet om verstandige financiële keuzes te maken. Onder stress neemt het oerinstinct het over: vechten of vluchten. En op de beurs betekent vluchten verkopen.
Daarom helpt slim zijn niet. Je weet best dat je niet in paniek moet raken. Maar in het heetst van de strijd ben je die kennis kwijt.
Zo voorkom je permanente verliezen
Succesvol beleggen is niet de winnaars van morgen uitzoeken. Het is een bewezen strategie kiezen en daarbij blijven. Je kunt nog zo'n goede strategie hebben; houd je je er niet aan, dan wordt het niets.
Een plan op basis van je persoonlijke situatie. Begin met een goede inventarisatie: wat heb je, wat heb je nodig, en wanneer? Dan zie je ook wat er gebeurt als het tegenzit. Een daling van 30% is dan geen verrassing. Het is iets waar je op gerekend hebt. Hoe je zo'n plan maakt, lees je in Hoeveel geld heb je nodig om te stoppen met werken?
Een risicoprofiel dat je aankunt. Hoeveel risico bij je past, hangt af van drie dingen: het rendement dat je nodig hebt, hoe lang je het geld kunt missen, en of je nog slaapt als de beurs hard beweegt. Een daling van 30% op papier is iets anders dan zien dat je vermogen echt een derde lager staat. Do you want to eat well, or do you want to sleep well? Kun je niet slapen van je beleggingen, dan neem je te veel risico. En vaak is dat risico niet eens nodig: wie weet hoeveel genoeg is, weet ook hoeveel risico hij hoeft te nemen. Kies dus het profiel dat je financieel én emotioneel aankunt.
Breed spreiden. Niet al je eieren in één mandje. Wie al zijn geld in Fortis had, raakte alles kwijt. Wie eind vorige eeuw alleen in internetaandelen zat, verloor meer dan 80%. Ook hele landen, zoals de VS, Rusland, Japan en Duitsland, hebben dalingen van meer dan 80% gekend. Wie de afgelopen 100 jaar wereldwijd gespreid belegde, maakte een tijdelijke daling van maximaal 50% mee. Tijdelijk is het sleutelwoord.
Niet achter trends en winnaars aan. Het CGM Focus Fund was het beste fonds van het decennium 2000-2010, met 18% per jaar. De beleggers in dat fonds haalden gemiddeld -11% per jaar. Ze kochten massaal nadat het fonds in 2007 80% was gestegen. Precies op de top, toen de aandacht het grootst was. In 2008 kelderde het met 48%.

Zo gaat het met elke trend, van de tulpenmanie tot de internetaandelen. Als de massa instapt, is de trend meestal al voorbij. Als iedereen erover praat, op verjaardagen en in de krant, is de top waarschijnlijk dichtbij. Lees ook: Waarom voorspellen niet werkt.
Herbalanceren. Je kiest vooraf een verdeling, bijvoorbeeld 60% aandelen en 40% obligaties. Door koersbewegingen schuift die verdeling op. Herbalanceren is haar terugzetten: verkopen wat gestegen is, bijkopen wat gedaald is. Zo koop je vanzelf laag en verkoop je hoog, zonder iets te voorspellen.
Kosten zo laag mogelijk. Hoe duurder het product, hoe lager je rendement. Koop geen dure actieve fondsen of dure producten.
Meer over een bewezen strategie lees je in Beleggingsstrategie.
Zelf doen of laten doen?
Je kunt het zelf. Maar stel jezelf eerst één vraag: heb je de kennis en kunde om een pensioenfonds te runnen? Waarschijnlijk niet. Waarom zou je dan wel je eigen pensioenfonds runnen? Dat is het belangrijkste fonds van allemaal. Er zit je levenswerk in.
Beleggen vraagt kennis, tijd, energie en vooral afstand. En vergis je niet in de details. Achter een eenvoudige portefeuille zitten 101 kleine beslissingen. Welke fondsen precies. Welke verdeling. Wanneer je herbalanceert. Hoe je omgaat met belasting, met privé of bv, met stortingen en opnames. In elk van die details kan een klein foutje sluipen. Je ziet het niet meteen. Maar het kost je rendement, jaar na jaar.
En dan komt de crisis. Dan moet je doen wat je weet, terwijl alles in je schreeuwt om het tegenovergestelde. Die kennis moet je bovendien elk jaar weer op peil houden. Wie er niet dagelijks mee bezig is, vergeet de lessen in het heetst van de strijd. Ook wie veel kennis en ervaring heeft, gaat daar de mist in. Mijn ervaring is zelfs dat beleggers met de meeste kennis de grootste fouten maken.
De belangrijkste taak van een vermogensbeheerder is daarom niet een hoger rendement halen. Het is verlies en fouten voorkomen. Reken maar even mee: advieskosten van 1% per jaar tegenover één paniekbeslissing die je 10% kost. Die ene fout is tien jaar advies, en hij komt nooit meer terug.
Ik weet hoe ik moet afvallen. Ik doe het alleen niet. Elk jaar komt er een kilo bij. Met een coach lukt het wel, want die houdt me aan het plan als ik het zelf laat lopen. Bij beleggen is dat nog belangrijker. Een kilo extra gewicht kan er weer af. Een beleggingsverlies door verkeerde timing komt nooit meer terug.
Het scheelt je tijd, energie en stress. En het geeft rust: als de beurs keldert, is er iemand die je vertelt wat het voor je betekent, in plaats van dat je er wakker van ligt.
Wat advies oplevert, is vaak onderzocht:
- Vanguard, Advisor's Alpha (sinds 2001): de grootste waarde zit in gedragscoaching, de belegger bij zijn plan houden als de markt hard beweegt.
- Morningstar, Gamma (2013): betere financiële planning levert meer inkomen op in je pensioen.
- Envestnet, Capital Sigma (2016): planning, spreiding, herbalanceren en belasting tellen samen op.
- Russell Investments, Value of an Advisor (elk jaar): gedrag is een van de grootste posten.
Ja, dit zijn partijen uit de adviessector. Wij van WC-Eend adviseren WC-Eend. Maar de rode draad is steeds dezelfde: het voorkomen van fouten maakt het verschil.
Zo kies je een vermogensbeheerder
Een Amerikaans gezegde: nobody got fired for hiring IBM. Wie een grote, bekende naam kiest, krijgt niets verweten als het misgaat. Daarom voelt een grote bank veilig. Maar de grootste verliezen en schandalen speelden zich juist bij de grote namen af.
Ik vergeet nooit de tv-reportage over een tegelzetter die zijn bedrijf had verkocht en zijn vermogen liet beleggen bij een chique private bank. Hij koos IBM. Het kostte hem een groot deel van zijn pensioen. Niemand verwijt hem die keuze, maar zijn pensioen krijgt hij er niet mee terug. Grote Nederlandse private banken hebben zelfs het geld van hun klanten bij Madoff belegd, zonder te weten waarin hij belegde. Iedereen raakte zijn geld kwijt.
Of je het nu zelf doet of laat doen, je blijft zelf verantwoordelijk voor het resultaat. Zoek daarom iemand die integer én bekwaam is. Een integere maar onbekwame adviseur is heel dure liefdadigheid. Een bekwame maar niet integere adviseur profiteert van je.
Integer: kijk naar de omgeving. Integriteit is lastig te meten, de omgeving waarin iemand werkt wel. Een bankadviseur kan 100% integer zijn, maar hij werkt voor de bank en haar aandeelhouders. Zijn baan hangt af van wat hij de bank oplevert, niet van wat hij de klant oplevert.
| Adviseur bij een bank | Zelfstandig adviseur | |
|---|---|---|
| Wie betaalt hem? | de bank | de klant |
| Voor wie werkt hij? | de bank en haar aandeelhouders | de klant |
| Wat adviseert hij? | het bankadvies van het hoofdkantoor | het beste wat hij kan vinden |
| Wie beoordeelt hem? | het management, op wat hij de bank oplevert | de klant, op wat hij de klant oplevert |
| Als het misgaat | hij volgde het beleid, voor hem geen gevolgen | hij draagt zelf de gevolgen |
| Na een paar jaar | hij is doorgeschoven; een nieuwe, vaak jongere adviseur, en je vertelt je verhaal opnieuw | dezelfde adviseur, die je en je situatie kent |

Bij een zelfstandig adviseur lopen de belangen gelijk op. Doet hij het goed voor de klant, dan doet hij het ook goed voor zichzelf: hij houdt een tevreden klant, en kan je nog vele jaren adviseren. Zoek dus iemand die alleen door de klant betaald wordt, onafhankelijk is en alle kosten in beeld brengt.
Bekwaam: vraag naar de strategie. Vraag hoe iemand belegt, en toets dat aan de vijf kenmerken van een bewezen strategie:
- na kosten minstens zo goed als gewoon de markt volgen;
- transparant: je begrijpt het en kunt het controleren;
- niet toevallig: het werkte in verschillende landen en periodes;
- verklaarbaar: er is een logische reden waarom het werkt;
- uitvoerbaar: het kan echt, tegen lage kosten.
Rendement uit het verleden is geen bewijs. Geeft iemand geen inzage, dan weet je genoeg.
Hoe je aanbieders precies toetst en vergelijkt, lees je in Vermogensbeheer vergelijken.
Rust
Stel je de volgende crisis voor. De beurs daalt 30%. Het journaal opent weer met een nieuw dieptepunt, de experts op tv weten het weer zeker, en op verjaardagen vraagt iedereen wat je gaat doen.
Je hoeft niets te doen. Je wist dat dit kon komen; het staat in je plan. Er wordt bijgekocht wat goedkoop is geworden, volgens de regels die je vooraf hebt afgesproken. En je slaapt gewoon.
Laat anderen zich maar druk maken over wat de beurs morgen doet. Je weet dat je goed zit, met een langetermijnplan dat alle scenario's kan doorstaan.
Zo doen wij het
Wealth360 is onafhankelijk, met een vergunning van de AFM, en wordt alleen door de klant betaald. Een team van specialisten: Boris van Hemmen voor het beleggen, Maarten Franken voor de financiële planning. Beslissingen op basis van wetenschap, niet op voorspellingen, met vooraf vastgelegde regels.
Wil je weten waar je staat? Plan een informatiegesprek.
Nieuwe inzichten in uw mail
Om de twee weken een wetenschappelijk inzicht over beleggen en uw vermogen. Zonder beurstips of ruis.
U kunt zich altijd met één klik uitschrijven.
Drs. Boris van Hemmen
Beleggingsspecialist en oprichter van Wealth360®. Adviseert particulieren, ondernemers en expats over beleggen op basis van wetenschappelijk onderzoek, en schreef het boek Alle beleggingsexperts zijn leugenaars.
Over ons ↗